De Koran 38:32 — S (Saad)
Hij zei toen: "Ik genoot meer van materiële zaken dan van het aanbidden van mijn Heer, totdat de zon onderging."
[38:31] Op een dag raakte hij geobsedeerd door prachtige paarden, tot de nacht viel.
[38:33] "Breng ze terug." (Om afscheid te nemen,) wreef hij over hun poten en nekken.