De Koran 26:200 — De Dichters (Al-Shu`ara')
We griffen het daarom (als een vreemde taal) in de harten van de schuldigen.
[26:199] En als hij het zou voordragen (in het Arabisch), zouden ze er onmogelijk in kunnen geloven.
[26:201] Daarom kunnen ze er niet in geloven; niet totdat ze de pijnlijke vergelding zien.