De Koran 76:1 — De Mens (Al-Insaan)
هَل أَتىٰ عَلَى الإِنسٰنِ حينٌ مِنَ الدَّهرِ لَم يَكُن شَيـًٔا مَذكورًا
Is het niet een feit dat er een tijd was waarin de mens niets was om over gesproken te worden?
[76:0] In de naam van God, de Barmhartige, de Genadevolle.
[76:2] We hebben de mens geschapen uit een vloeibare mengeling, uit twee ouders, om hem te testen. Zo maakten we hem een horende en een ziende.