De Koran 26:15 — De Dichters (Al-Shu`ara')
Hij zei: "Nee, (dat zullen ze niet). Ga met Mijn bewijzen. Wij zullen bij je zijn, luisterend.
[26:14] "Ook beschouwen ze mij als een voortvluchtige; ik vrees dat ze me zullen doden."
[26:16] "Ga naar de farao en zeg: 'Wij zijn boodschappers van de Heer van het universum.'"